De weegschaal dient bij voorkeur te worden opgesteld in een omgeving welke geen invloed kan hebben op de nauwkeurigheid.
Vermijd dus:
- Extreme temperatuurschommelingen.
- Wiebelende en/of trillende tafels en werkbanken.
- Onstabiele netspanningen.
- De nabijheid van zware elektrische motoren en lastrafo's.
- Direct contact met water en een hoge luchtvochtigheid.
- Tocht en luchtstromen van ventilatoren en deuren.
- Stof en vuil op de weegschaal.
- Een last op de weegschaal als deze niet gebruikt wordt.
Om de nauwkeurigheid en de bedrijfszekerheid van het weegsysteem te waarborgen dienen de volgende aanwijzingen in acht genomen te worden:
Bij handpallettrucks:
- Zorg ervoor dat de palletwagen tijdens het wegen zo horizontaal mogelijk staat
- Plaats de last tegen het schutbord en zorg ervoor dat het zwaartepunt van de last zoveel mogelijk tussen de lepels ligt
- De last dient tijdens het wegen vrij te staan van de grond en eventuele muren en/of andere pallets
- Let op dat er geen vervuiling optreedt tussen de palletwagen en de weegschoen
Bij vorkheftrucks:
- Plaats de mast zo verticaal mogelijk.
- Zet Side-shift en/of vorkenversteller zoveel mogelijk in de middenstand
- Zorg ervoor dat het zwaartepunt van de last zoveel mogelijk tussen de lepels ligt.
- Stel het weegsysteem op nul voordat de last ingereden en opgetild wordt.
- Hef de last op en lees de uitlezing af als deze stabiel is. De weging dient altijd te gebeuren
na een heffende beweging.
- De last dient tijdens het wegen vrij te zijn van de grond, eventuele muren en/of andere pallets.
|
|